Ravotten in de klei, een Palestijns dansfeest en een dolkomische Romeo & Julia. Boulevard pakt uit met grote voorstellingen

Theaterfestival Boulevard in ’s-Hertogenbosch haalde dit jaar een aantal grote voorstellingen van landelijke en internationale gezelschappen in huis. Ik koos er drie uit en ging kijken: ‘Klei’ van Schweigman&, het afmattende ‘Badke (Remix)’ met tien Palestijnse dansers en het fantastische ‘Romeo & Julia’ van Het Scheldeoffensief & Comp. Marius.

Een imposante ronde bak met rivierklei – zo’n tien ton. En vijfhonderd liter water. Dat is de arena voor de performers in de indrukwekkende, beeldende bewegingsvoorstelling ‘Klei’ van Schweigman&, het Utrechtse gezelschap van Boukje Schweigman. Het hoogstaande en inventieve spektakel ging eerder in première op festival Spring in Utrecht en is nu te zien in de Brabanthallen tijdens Theaterfestival Boulevard. Het stuk toont een strijd tussen de mens en de aarde, de worsteling met de elementen en de drang om te overleven. Dat staat symbool voor iets groters en is hartstikke actueel, zie alle bosbranden, orkanen, overstromingen en aardbevingen. De mens wil overheersen, maar als het erop aankomt hebben we weinig in te brengen tegen natuurkrachten.

Een fascinerend beeld

Meteen bij binnenkomst in de Brabanthallen krijgt het publiek blauwe poncho’s aangereikt. Dat verraadt dat de kleding best weleens vuil zou kunnen worden. Al die blauwe mensen op de tribune, in een kring om die ronde bak met klei, het creëert een fascinerend beeld. Het is alsof er een mythisch ritueel op het punt van beginnen staat.

Dicht bij de ronde bak met klei staan aan twee kanten twee percussionisten die – zeker in het begin – zachte, ingetogen ritmes slaan op van klei vervaardigde instrumenten en op water in kommen. Het publiek ziet nog niet zoveel in het begin. Het is wennen aan het duister en het is zoeken naar iets tastbaars. Het beeld wordt helderder als twee verticale armen met lampen aan de onderzijde langzaam om het bassin gaan draaien. In het begin zijn die lichten dicht bij de bak met klei, later op hoogte waardoor het perspectief verandert. Met het licht zo laag bij de hompen klei zijn details goed zichtbaar, als de lampen iets omhooggaan, krijgt het publiek zicht op alles wat in de bak met klei en water gebeurt.

Kikker in de klei

Twee lichamen zijn te ontwaren. Een man en een vrouw. Ze liggen op hun buik en op hun zij in de klei. Dat materiaal is dan nog brokkelig. Ze maken kleine bewegingen alsof ze op zoek zijn. De man maakt grotere sprongen, als een kikker die door de klei hupt. De vrouwelijke performer ontdekt water en graaft zich in, waarna een plas ontstaat. Vervolgens rolt ze door de klei in het bassin waardoor die vochtiger, gladder en smeuïger wordt. Rol na rol, sprong na sprong speuren ze de omgeving af. Er klinkt gepruttel, het sijpelen van water is hoorbaar.

Met klei kun je ook gooien

Vanuit het niets is ineens een voet en een onderbeen zichtbaar. Er zit dus blijkbaar nog een derde performer in de klei. Met zijn drieën vervolgen de spelers (Sjaid Foncé, Goda Žukauskaité en Niels van Heijningen) hun intense, uitputtende tocht door de onbestemde omgeving. Ze glijden, glibberen, spartelen, ze rollen over elkaar, met elkaar, kneden de klei, proeven de klei, smijten ermee en maken er maskers van. Het is nieuwsgierigheid, ontdekken, avontuur, roekeloosheid.

Ook staan de mannelijke spelers in een scène uitdagend tegenover elkaar, met een gewei van klei op de hoofden. Er ontstaat een gevecht dat doet denken aan bronstige herten. Met klei kun je ook gooien, zo ontdekt de vrouw, ze werpt brokjes de lucht in, ook richting de tribune. Als ze voorovergebogen haar hoofd met lange haren in de vochtige klei onderdompelt, volgt een zwiepende beweging van het lichaam. Het water spat alle kanten op. De spelers krioelen, bewegen stuiptrekkend, dan weer liggen ze even rustig in de zompige klei.

Zelden voorspelbaar

De voorstelling is vaak magisch, dan weer is er een artistiek moddergevecht en steeds is zichtbaar hoe intensief het voor de spelers moet zijn om meer dan een uur lang in deze blubber te bewegen. De bewegingen zijn op elkaar afgestemd. De spelers reageren soms op elkaar, gaan dan weer hun eigen weg, maar hun handelingen zijn zelden voorspelbaar. Het licht is belangrijk in deze productie. Vooral het rode licht dat gaandeweg van boven naar beneden schijnt is bijzonder. Onverwacht klinkt een knal, de gedachten gaan automatisch richting de oerknal.

Een landschap van klei

De muziek op keramische instrumenten wordt gemaakt door twee percussionisten van HIIIT, voorheen Slagwerk Den Haag. De instrumenten zijn gemaakt door geluidskunstenaar Gemma Luz Bosch. Voor de vormgeving, het experiment met klei, met water en elementen werkte theatermaker Boukje Schweigman& nauw samen met de Amsterdamse beeldend kunstenaar Zoro Feigl. Hij onderscheidt zich met kinetische kunst en maakte voor deze bijzondere productie een landschap van klei.

Boukje Schweigman creëert werelden, kwetsbare omgevingen waarin haar performers hun weg moeten vinden. Zo maakte zij eerder ‘Wiek’, een voorstelling met horizontaal draaiende wieken waartussen haar spelers bewogen en moesten proberen te overleven. Ook maakte ze ‘Zweep’ waarin de spelers het gevecht aangingen met de onvoorspelbaarheid van een zwiepende zweep.

Badke (remix)

In Theater aan de Parade was tijdens Boulevard twee avonden de energieke, vaak feestelijke dansvoorstelling ‘Badke (remix)’ te zien. Een enerverende avond met tien Palestijnse dansers van laGeste uit Gent. De titel Badke is een bewuste omkering van het woord ‘dabke’, de naam van een Palestijnse volksdans en startpunt bij het maken van deze voorstelling.

De oorspronkelijke versie van ‘Badke’ werd in 2013 bij het Belgische les ballet C de la B gemaakt door choreografen Koen Augustijnen, Rosalba Torres en Hildegard De Vuyst. Het stuk reisde tot en met 2016 de wereld over. In 2025 is bij laGeste een nieuwe versie gemaakt, deze keer door de Palestijnse dansmakers Amir Sabra en Ata Khatab. Het dansstuk is actueler dan ooit, met het geweld in Gaza, de genocide, de vernietiging van steden en de kolonisatie van Palestijnse dorpen.

De onzekerheid over een eigen thuis voor Palestijnen is groot, elke dag opnieuw. Dat is voelbaar in ‘Badke’, al oogt de voorstelling, zeker in het begin, als een onbekommerd en overweldigend feest boordevol dansende mensen. Het zou een bruiloft kunnen zijn, een dorpsfeest.

Een solo met hoekige bewegingen

De voorstelling begint rustig. De dansers, zes vrouwen, vier mannen, staan met hun gezicht naar de achterwand van het podium, ver van het publiek in de grote zaal. Ze stampen op de vloer, een man zingt. Dan draait een danseres zich om, doet een stap naar voren en begint een solo met hoekige bewegingen, soms met kaarsrechte benen en armen. Het is de aftrap voor een enerverend, energieke rollercoaster. De dansers bewegen in groepen, soms met de armen op elkaars schouder, dan weer in een kring of een lint. Steeds ontstaan daaruit kleinere dansende groepjes en zijn er spontane ontmoetingen tussen dansers: duo’s, drietallen, een kwartet. Er is ruimte voor individuele dansers om zich te onderscheiden.

Feestelijke volksdans

De bewegingen zijn terug te voeren naar de oorspronkelijke Palestijnse volksdans, maar zijn rijkelijk gemixt met hedendaagse dans, acrobatiek en hiphopdans. De Arabische muziek van Nasser Al-Fares zweept de dansers op, ze zijn vrolijk, uitgelaten. Die uitbundigheid overheerst, maar er is meer: de groep dansers is ook een afspiegeling van een hechte samenleving. Dat betekent tegelijkertijd meedoen of buiten de boot vallen, de rolpatronen zijn soms traditioneel, zo laten de dansers zien, en tussen mannen is er af en toe een flinke rivaliteit. Ze willen niet onderdoen voor elkaar, elkaar overtreffen. Nog sneller, nog hoger die sprongen. Dat onderhuidse maakt de voorstelling betekenisvol.

Palestijnse gebieden

Een veel diepere laag dient zich aan als de dansers in een rij dicht bij het publiek staan. Ze steken hun handen naar voren alsof ze een onzichtbaar gevaar willen afweren. De blikken in de ogen zijn angstig. Het voelt als een verwijzing naar wat in Palestijnse gebieden op dit moment aan de hand is. Zeker als knallen, vast het geluid van bommen, hoorbaar zijn.

De feestelijke sfeer van de voorstelling gaat onverstoord door, maar de diepere lagen zijn dan al lang niet meer uit te vlakken. Die beklijven. In een tas bij de achterwand zitten stapels rode doeken die doen denken aan Palestijnse sjaals. Op een gegeven moment komen die tevoorschijn. Dansers knopen die sjaals om hun hoofd. Het is het symbool van solidariteit en van verzet. Als de de dansers aan het slot op de rand van het podium staan, dicht bij elkaar, dicht bij het publiek en de hand naar de toeschouwers uitsteken, lijkt dat een oproep om solidair te zijn. De kwaliteit van de tien dansers in ‘Badke (remix)’ is geweldig. Wat een energie, wat een uithoudingsvermogen, wat een lenigheid, wat een grote sprongen.

Een eigengereide Romeo en Julia

Comp. Marius uit Vlaanderen is een gezelschap dat klassieke toneelteksten en romans op een ludieke, vaak dolkomische en toegankelijke manier weet te vertolken. Dat doen de spelers in de openlucht, met het publiek op de eigen, ronde tribune van het gezelschap. Voor ‘Romeo & Julia’ werken de spelers samen met acteurs van het Scheldeoffensief, een Vlaams gezelschap met (jong-)volwassenen met een beperking. Deze hilarische, eigengereide interpretatie van ‘Romeo & Julia’ is tijdens Festival Boulevard te zien bij Fort Isabella in Vught. De bezoekers reizen er met de speciale Boulevard-pendelbus naartoe.

Is de uitspraak: ‘Dit is op zijn zachtst uitgedrukt, helemaal van de pot gerukt’, een citaat van William Shakespeare? Of deze: ‘Dat is niet erg misschien, nu kan ik onder uw rokske zien’? Nee, maar in de kluchtige vertaling van deze toneelklassieker door Waas Gramser, medeoprichter van Comp. Marius, passen deze uitspraken naadloos. Ook woorden als ‘Drama Queen’, ‘GSM’ en ‘mail’ komen voorbij. En steeds is de tekst op rijm. Dat refereert aan het origineel en maakt het ook makkelijker om de tekst te onthouden. Het is bovendien kostelijk om te horen dat Waas Gramser – die zelf meerdere rollen speelt – in terzijdes af en toe flinke kritiek levert op de vertaler van de tekst: ‘Wat een raar rijmwoord’.

Thoby or not Thoby

Het decor is simpel. Een prieeltje op de achtergrond, daarvoor een badkuip, enkele stoelen, een bouwsel met deuren en twee speelgoedpaardjes. Op een deur hangt een affiche: ‘Waarom zoveel haat, waarom zo weinig liefde.’ Een tekst die door de eeuwen heen van toepassing is, maar in het huidige tijdsgewricht zeer actueel. Uiteraard is er ook in deze ‘Romeo & Julia’ een gewelddadige vete tussen de families Capuletti en Monchetti die de liefde tussen Romeo en Julia op voorhand ingewikkeld maakt. Er zijn legio misverstanden met moorden, gif, verraad en de tragische dood van de hoofdpersonages. Dat allemaal in een kluchtige uitvoering, precies zoals Comp. Marius al veel klassiekers, onder meer van Thomas Bernard en Marcel Pagnol, heeft afgestoft.

Goede tekstbehandeling

Romeo wordt gespeeld door Thoby Everaert, Julia door Alisha Vandevelde, spelers van het Scheldeoffensief, beiden met een neurologische beperking. Ze spelen geweldig, met een uitstekende tekstbehandeling en soms een beetje onhandige lichaamstaal. Je gelooft wat ze verkondigen. Zelfs als Romeo tussen neus en lippen ‘Thoby or not Thoby’ zegt.

Piet Van Hijfte, ook acteur van het Scheldeoffensief, speelt de koning die oproept tot liefde en minder haat, hij is ook de pastoor die Romeo en Julia in de echt verbindt en tevergeefs helpt ontsnappen. Hij voelt zich verantwoordelijk voor hun dood. De acteur zit in een rolstoel en vertolkt zijn rollen overtuigend en vooral met plezier. Soms kan hij een glimlach niet onderdrukken als zijn uitspraken bij het publiek een lachsalvo oproepen. Deze ‘Romeo & Julia’ vliegt voorbij. De boodschap van het stuk staat fier overeind: laat mensen hun eigen keuzes maken, laat ze zijn wie ze zijn.

Theaterfestival Boulevard, tot en met 16 augustus 2026 op diverse locaties in ’s-Hertogenbosch.

FOTO'S 'Klei', Schweigman&, @Karin Jonkers
FOTO'S 'Badke (Remix):' La Geste, @Kurt van der Elst
FOTO'S: 'Romeo & Julia', Scheldeoffensief/Comp.Marius, @Raymond Mallentjer