Zangeres Hansje van Welbergen combineert opera met dansbare elektronische muziek

Gepubliceerd op 4 februari 2026 om 11:53

Ze rekt de grenzen van opera graag op en omarmt experimenten met klassieke zang. De lyrische sopraan Hansje van Welbergen uit Tilburg zong ‘Aida’ in een Fries weiland, vertolkt de muziek van Kurt Weill en heeft een solo waarin ze opera combineert met elektronische muziek. En ze viert fanatiek carnaval met 0.0-bier en zonder mee te lallen, om haar stem te sparen. Haar grootste droom is uitgekomen: zingen bij het Kruikenconcert in Tilburg.

Dat Hansje van Welbergen (1993) in de wereld van klassieke zang zou belanden, was geen vanzelfsprekendheid. Haar opa en oma zongen in koren, luisterden graag naar klassiek, maar in de drukkerij van haar vader stuwt stevige rock uit de boxen, heavymetalband Motõrhead heeft tussen de drukpersen een streepje voor.

Of ze wilden of niet

Op jonge leeftijd gloorde voor de Tilburgse zangeres een toekomst in het lichte genre, de musical. “Als kind maakte ik met mijn twee zusjes, neven en nichten toneelstukjes op familiefeestjes. De volwassenen moesten kijken, of ze wilden of niet. Op mijn negende nam mijn moeder mij en mijn middelste zusje mee naar een auditie voor een musical: ‘The Sound of Music’. Joop van den Ende zocht kinderen voor de familie Von Trapp. Het was leuk, we mochten zingen, dansen, toneelspelen. Ik kreeg een rol en speelde Gretl, de kleinste dochter van de familie. In de musical was ik een meisje van vijf.”

Van Welbergen zat in de cast voor het zuiden van het land, twee seizoenen lang. Het vuurtje was aangewakkerd. “Na de Sound of Music is mijn moeder als een soort agent het internet gaan afstruinen naar audities voor musicals. Ik heb er veel gedaan: ‘Doornroosje’, van Studio 100 in de Efteling, ‘Pinokkio’, ook Studio 100, een reizende productie, ‘Hamelen’ en ik heb als kind mijn carrière afgesloten met ‘Joseph and the Amazing Technicolor Dreamcoat’.”

De loopbaan liep anders

Eén herinnering resoneert: “Bij ‘Joseph’ stond ik op het podium, het gordijn was nog dicht en ik dacht: dit is mijn thuis, dit is mijn plek. Ik was zestien.” Als tiener had de Tilburgse veel zanglessen genomen, onder meer bij zangpedagoog Peggy Hegeman en bij de musicalafdeling van dans- en muziekschool Factorium in haar stad. Ook volgde ze circuslessen.

Fontys Academy of the Arts leek een logische stap. Daar worden veel artiesten opgeleid die schitteren in musicals in binnen- en buitenland, maar de loopbaan van Hansje van Welbergen liep anders. Haar stem bepaalde de richting en musical bleek na een paar jaar minder goed te passen.

Gebruik van de borststem

“De stem muteert, bij mannen is dat duidelijk, die krijgen de baard in de keel. Bij vrouwen muteert de stem ook. Als kind had ik een hoog, helder geluid, maar toen mijn stem ging muteren, werd het lastiger om mee te komen met het musicalrepertoire. Daar maak je meer gebruik van je borststem, mijn stem kon dat niet meer zo goed aan. Toen ik auditeerde bij Fontys kreeg ik te horen dat mijn stem zich niet zo goed leent voor musical. De docenten zagen wel veel potentie voor het klassieke genre. Daarin heb ik me verdiept, klassieke zangles genomen en toen merkte ik, o, dat is veel makkelijker, dit is veel natuurlijker.”

Een veelzijdige zangeres

Ze deed auditie bij Fontys Muziektheater Klassiek, kreeg les van de gerenommeerde zangpedagoog Harry Ruijl en verdiepte zich in klassieke muziek, luisterde veel. Een schatkist ging open. Opera, operette, ze is nu een liefhebber en voor een concert van een symfonieorkest mag je haar midden in de nacht wakker maken. Zingen in het Italiaans, het Frans, het Duits, ze leerde die talen op de opleiding in Tilburg. Ook volgde ze een studie fonetisch schrift. “Dat is een van de waardevolste dingen die ik heb mogen leren. Als je dat beheerst dan kun je bijna in alle talen zingen. Ik spreek geen Russisch, maar ik kan wel in die taal zingen.” Op de opleiding Muziektheater Klassiek, die inmiddels is opgeheven, kreeg ze ook les in spel. Het maakt haar tot een allround artiest.

Een groot bereik

Hansje van Welbergen is opgeleid tot mezzosopraan, maar een collega zei eens: “Die stem van jou, ik weet niet of jij een mezzosopraan bent. Misschien meer een lyrische sopraan.” “Ik werkte met hem aan de aria ‘Micaela’ uit Carmen, als lyrische sopraan, en dat paste mij erg goed. Ik vond het fantastisch om te doen. Nog steeds profileer ik me als een veelzijdige zangeres. Mijn bereik is groot, maar mijn ‘shine’ zit in het sopraanrepertoire. Een uitstapje vind ik leuk. Het komt voor dat iemand zegt, wil je ‘Habanera’ uit ‘Carmen zingen’, als mezzosopraan. Dat doe ik dan, maar als je mij in mijn kracht wilt horen, dan past het sopraanrepertoire het best.”

Operaspektakels in Friesland

Haar eerste job als klassiek zangeres vond ze bij Opera Spanga in het gelijknamig Friese dorpje met iets meer dan tweehonderd inwoners. Daar zijn elke zomer operaspektakels in de openlucht, met tribunes in een weiland. Het publiek komt van heinde en ver, ook uit het buitenland. Enkele studenten van Muziektheater hadden opgetreden in ‘La Traviata’, met veel enthousiasme. Toen Hansje van Welbergen hoorde van de audities voor de nieuwe voorstelling ‘Aida’, meldde zij zich en werd ze aangenomen. Ze speelde bij Opera Spanga in vijf producties en is ook te horen in een operafilm.

“Opera Spanga is een waanzinnige ervaring. Het voelt als een circus. We leven op een weiland met voor iedereen een caravan. Daar verblijven we drie maanden. Het is zes dagen in de week repeteren. Dat schept zo’n enorme band. We ontbijten samen, ondernemen veel samen en er zijn leuke slootjes om in te zwemmen.” Elke zomer zijn in Spanga tien voorstellingen, met steeds een dag rust ertussenin.

Een feestje met enorm veel energie

Opera Zuid in Maastricht is het tweede gezelschap waarvoor ze speelde. ’Fantasio ‘van Jacques Offenbach was de eerste productie. “Dat stuk balanceert op het grensvlak van opera en operette. Het was een feestje met enorm veel energie en grappige over-de-top kostuums. In de ene scène kwamen we op als soldaten in gouden leggings en in een andere scène droegen we de meest bizarre haute couture catwalk kostuums. De muziek is heel feestelijk en grappig. Later speelde ik bij dezelfde regisseur in ‘Orphée aux Enfers’, de meest bekende opera van Offenbach met daarin ook de beroemde cancan.” Ze zong ook bij de Nederlandse Reisopera en het Groot Omroepkoor Hilversum en was te zien in tv-talentenjacht Aria. Bij Opera Zuid zingt ze doorgaans in het ensemble zoals in ‘Die Dreigroschenoper’, maar in ‘Happy End’, de buurtopera van Opera Zuid/Malpertuis met muziek van Kurt Weill zingt ze solo. Dat smaakt naar meer.

Eigen gezelschap

Die solo heeft ze in ieder geval in de voorstelling ‘Geen weg meer terug’ bij haar eigen gezelschap Tragedie en Triomf. Die voorstelling met opera en techno heeft ze gemaakt met haar kompaan Yann Pieters. “Ik ga uitdagingen niet uit de weg. Een combinatie van klassieke zang en drum and bass is volgens mij nog nooit eerder gedaan. Er is raakvlak tussen deze genres. Ze kleuren mooi samen, botsen soms, maar kunnen elkaar ook versterken. Met drum and bass en elektronische muziek kun je ook gevoel en emoties vertolken, net als in de klassieke zang. We gebruiken bestaande klassieke werken. Zo is ‘Frühlingstraum’ uit ‘Winterreise’ van Schubert te horen. Daar geeft de elektronische muziek echt een diepere laag. In de voorstelling zing ik het origineel en de bewerkte versie met drum and bass, zodat het publiek het verschil kan horen. Drum and bass past met experimentele geluidjes goed bij het origineel.”

Een verhaal bij het haardvuur

In muziektheatervoorstelling ‘Geen weg meer terug’ staat Van Welbergen alleen op het podium. De drum and bass is op tape. Zij schetst in het stuk een sprookjesachtige wereld over elfjes, ridders en dwergen. Het is als een verhaal bij het haardvuur. “Ik speel een moeder die vertelt over haar kinderen en haar bijzondere tuin. Daar kan ze beeldend over vertellen. Ik zing versterkt, dat mengt beter met de elektronische muziek, het voegt lagen toe.”

‘Geen weg meer terug’ is eind februari 2026 te zien in Schouwburg & Concertzaal Tilburg. Dat is zo’n anderhalve week na carnaval. Als ze over dat volksfeest vertelt, twinkelen haar ogen. “Met carnaval krijg je mij niet weg uit de Kruikenstad (Tilburg). Als ik moet repeteren dan doe ik dat overdag en zorg ik dat ik op tijd terug ben. Of carnaval funest is voor mijn stem? Een andere hobby zou beter zijn, maar ik let goed op. Ik drink 0.0 biertjes, heb oordoppen in en meelallen beperk ik tot playbacken. Als je oordoppen draagt, heb je niet steeds de neiging om harder te gaan praten en ik communiceer met handen en voeten of met teksten op mijn telefoon.” Op tijd naar huis is ook een voorwaarde voor haar om carnaval goed door te komen.

Carnavalsconcerten

Inmiddels zit ze in de organisatie van de Kruikenconcerten, dat is het carnavalsconcert met orkest in Tilburg. Voorgaande jaren stond ze daar zelf op het podium. “Het was een droom die uitkwam, zingen in mijn stad tijdens een carnavalsevenement. In 2024 zong ik ‘Song to the Moon’ uit Rusalka van Antonín Dvořák en ‘O mio babbino caro’ van Giamoco Puccini. Afgelopen jaar ‘Morgen!’ van Richard Strauss en in het tweede deel, echt een van de allervetste dingen die ik ooit heb gedaan: ‘The Ecstasy of Gold’ van Ennio Morricone.

‘Geen weg meer terug’, 28 februari 2026 in Schouwburg & Concertzaal Tilburg (Studio). M.m.v. Hans van Welbergen. Aanvang 20.00 uur.

FOTO 1,2,4: @Adelaide Rosina
FOTO 3: @Hugo Segers